Nieuwsbrief



Reactie fractievoorzitter op berichtgeving media over ambtsgebed

2 feb 2012

Beste mensen,

Nu ik vanmorgen in het AD verkeerd werd geciteerd over dit voor Alblasserdam zeer gevoelige onderwerp, hecht ik eraan e.e.a. te verduidelijken.
Eind 2010 moesten er technische aanpassingen aan een raadsverordening worden gedaan. In die verordening is o.a. het ambtsgebed geregeld. Naar aanleiding van dat voorstel, wilde ik in het presidium verkennen of er een mogelijkheid was om het ambtsgebed te wijzigen. Je kunt het afschaffen of een compromis vinden om allerlei redenen die in deze discussie ook te lezen zijn. Ook argumenten om het ambtsgebed te behouden, zijn uitgewisseld. Na goede en stevige discussies hebben we geconcludeerd dat er geen meerderheid bereid was tot welke wijziging dan ook. Daarop hebben we, halverwege 2011, unaniem de afspraak gemaakt dat er in deze collegeperiode geen wijzigingsvoorstel op dit punt naar de raad gestuurd zou worden. Het zou een terugkerende discussie zijn met steeds dezelfde uitkomst over een zeer gevoelig onderwerp. Ik heb nooit gezegd dat ik het jammer vind dat die afspraak is gemaakt. Ik vind nl. dat je niet achteraf moet gaan ‘zeuren’ over een afspraak waar je zelf bij was. Wel heb ik gezegd dat ik het natuurlijk jammer vond dat er geen bereidheid tot een compromis was. Overigens heb ik alleen dhr. Stam en niet dhr. Van Tol van het AD gesproken hierover.
Vanwege deze afspraak én om te laten zien dat wij, ondanks alle verschillen, toch met alle partijen bereid blijven de Alblasserdamse zaak te dienen, hebben wij niet de behoefte gehad om er in het openbaar nog een statement over te maken. Het staat D’66 uiteraard vrij om dat wel te doen.
Hopelijk heb ik op deze manier alle overeenkomsten, verschillen en nuances duidelijk kunnen maken.

Catharina Leeuwis
Fractievoorzitter VVD